Jorunna rubescens(Bergh, 1876)
|
| Sinds kort wordt dit mosdierslakachtig wezen beschouwd als een Jorunnasoort. Tijdens een studie in 2001 kwamen Angel Valdés en Terry Gosliner tot het besluit, dat naaktslakken met caryophyllidia een monofyletische groep vormen. Verschillende geslachtsnamen bleken dus synoniemen te zijn. Dit had grote gevolgen voor de naamgeving, zoals het verdwijnen van de naam Kentrodoris. |
Deze foto werd genomen door Patrick Van Moer in Cebu, Filipijnen.
|
Alternatieve benaming:
|
Kentrodoris rubescens
|
| Engelse benaming: |
Red-lined Kentrodoris
|
| |
|
| Suborde: |
Doridacea (Sterslakken)
|
| Familie: |
Discodorididae (Wrattenslakken)
|
| |
|
| Omschrijving: |
Zo op het eerste zicht zou je Jorunna rubescens meteen indelen bij de mosdierslakken. Van dichtbij zie je echter dat het manteloppervlak bestaat uit kleine naaldvormige papillen (caryophyllidia), die karakteristiek zijn voor het geslacht Jorunna. Opvallend is zijn grote snuit, maar ook de grote fluitvormige zwelling op de rug die de kieuwen beschermt en ze rechtop houdt. Ook de rinophoren hebben een rare kenmerkende vorm. De mantel is bedekt met kleine witte en geeloranje vlekken, en bruinachtige lijnen die een groot onregelmatig netwerk vormen. Nabij de mantelrand zijn er meerdere gebroken witte lengtelijnen.
|
| Lengte: |
200 mm
|
| Voortplanting: |
Roze eierlint
|
| Leefgebied: |
lagune
|
| |
|
| Verspreiding: |
Malediven, Reunion Indonesië: Bali Filipijnen Papua Nieuw-Guinea, Vanuatu Tanzania
|
| |
|
| Informatiebronnen: |
http://www.seaslugforum.net http://www.seadb.univpm.it http://slugsite.us
|
| |
|
|