Naaktslakken

 








Voeg deze pagina toe aan je RSS-reader

Add to Google

Tambja affinis

(Eliot, 1904)

Tambja affinis
Deze foto werd genomen door Karen Verwulgen 16 mei 2007 in Komodo, Indonesië.

Alternatieve benaming:
Nembrotha affinis

   
Suborde: Doridacea (Sterslakken)

Familie: Polyceridae (Mosdierslakken)

   
Omschrijving: De achtergrondkleur varieert van een doorschijnend indigoblauw to een donkerblauwachtig zwart. Er is een patroon van brede gele banden, die in de lengte lijnen en die op enkele plaatsen verandert naar een melkblauwachtig groen. Bij exemplaren met een lichtere achtergrondkleur, is duidelijk te zien dat de gele banden een dunne donkerblauwzwarte rand hebben. Er is een brede gele band rond de mantelrand, die de kop omlijnt, langs weerskanten van het lichaam tot net achter de kieuwen loopt, waar ze weer samenkomt en het achterste deel van de middellijn op de rug vormt. Van tussen de rinophoren loopt het voorste deel van deze middenlijn tot aan de middelste kieuw. De voorzijde van deze lijn vormt tussen de rinophoren een melkachtig blauwgroene ovale vlek, iets breder dan de rest van de lijn. Aan weerszijden van de rug loopt nog een gele lijn van ongeveer halfweg tussen de kieuwen en de rinophoren tot aan de buitenste kieuw aan beide zijde. Deze twee lijnen, en de middelste lijn hebben een melkachtig blauwgroene vlek aan de voorzijde van de kieuwen. De voetrand heeft een gele band. Een aantal gele lengtelijnen van dezelfde breedte lopen over de flanken, meestal over bijna de hele lengte, maar soms ook niet. De rinophorenlepels zijn donkerblauwachtig paars, maar bij enkele exemplaren met een lichtere achtergrond, zijn ze doorschijnend geel met een paarse punt en basis. Het hele rinophorenzakje, niet enkel de rand, is melkachtig blauwgroen. Er zijn drie grote, ietwat vertakte kieuwen. De buitenzijde is geel en de veertjes zijn een donkerpaarsachtig blauw.

Lijkt op: Tambja victoriae (= Roboastra arika) heeft donkerblauwe rinophorenzakjes met een gele rand.
Tambja gabrielae heeft heldergele rinophorenlepels, met donkergroenebasis. De rinophorenzakjes zijn donkergroen en hebben geen gekleurde rand.
Tambja olivaria heeft een donkergroene mantelrand aan de kop met een brede gele submarginale band. De rinophorenzakjes zijn gel mer een donkerzwarte of -groene rand. De rinophorenlepels zijn donkergroen of zwart. Ze heeft slechts twee gele banden op de rug.
Tambja tentaculata heeft een donkergroene mantelrand aan de kop met een brede gele submarginale band. De rinophorenzakjes zijn geel aan de binnenzijde, met een donkerzwarte of groene rand.

Lengte: 70 mm

   
Verspreiding: Soedan, Tanzania, Mayotte, Zuid-Afrika
Sri Lanka
Thailand
Indonesië: Komodo
Australië

   
Informatiebronnen:
http://www.seaslugforum.net
http://www.nembro.info


   


 
 
Deze website werd voor het laatst bijgewerkt op 03-09-09.
© Natasja Vandeperre