Moridilla brockii(Bergh, 1888)
|
| Moridillasoorten vertonen enkele anatomische verschillen met de Phidianasoorten. |
Deze foto werd genomen door Karen Verwulgen 12 mei 2007 in Komodo, Indonesië.
|
| |
|
| Suborde: |
Aeolidacea (Draadslakken)
|
| Familie: |
Glaucidae
|
| |
|
| Omschrijving: |
Het lichaam van Moridilla brockii is wit. De cerata variëren in kleur van bruinachtig oranje tot grijsachtig. De buitenste cerata zijn kort en recht, terwijl de binnenste cerata lang en spiraalvormig zijn. De rinophoren zijn roodachtig oranje. De bijzonder lange mondtentakels zijn eveneens geheel of gedeeltelijk rood oranje. In deze soort bestaan er meerdere kleurvariaties.
|
| Lengte: |
40 mm
|
| Voortplanting: |
oranje eierlint
|
| Voedsel: |
Neteldieren
|
| Verdediging: |
De helderrode uiteinden van de cerata waarschuwen eventuele belagers voor de aanwezigheid van de cnidosac, waarin zich de stekende netelcellen bevinden. Wanneer ze verstoord wordt, begint Moridilla brockii met een spectaculaire, 'angstaanjagende' vertoning door haar lange cerata af te rollen en daarmee naar de belager te wijzen.
|
| |
|
| Verspreiding: |
Zuid-Afrika Seychellen, Malediven Indonesië: Bali, Java, Komodo Filipijnen, Japan Australië
|
| |
|
| Informatiebronnen: |
http://www.seaslugforum.net http://slugsite.us http://www.nembro.info
|
| |
|
|